De voormalige huishoudschool op nummer 45

door • 28 oktober 2018 • Buurt en wijk, Geschiedenis, Kunst

Het opvallendste en meest karakteristieke pand in onze straat is ongetwijfeld het gebouw waar heden ten dage de Ka Fook Mansion in huist. Er wonen nu 51 Chinese senioren op 43 appartementen.

Het gebouw is echter ontworpen als (huishoud)school en heeft als zodanig lange tijd dienst gedaan. Het was voor die tijd een enorm project dat, met de aanloop meegerekend die in 1919 begon, enorm lang heeft geduurd. De opening vond plaats in 1925. Het was het laatste pand dat in onze straat gereed kwam. De Amsterdamse-school-stijl van de gevel doet recenter aan dan de andere gevels in de straat. De architect was J.J. Gort uit Den Haag.

Peter van Dam, kunst- en cultuurhistoricus, doet op het moment onderzoek naar deze man, dat uiteindelijk moet resulteren in een biografie. Dat past in zijn project van biografieën over Haagse architecten.

Peter publiceerde 120 artikelen in diverse tijdschriften vooral over grafische kunst, grafische vormgevers en kunstenaars. Ook heeft hij een dertiental boeken op zijn naam staan. Zijn waarschijnlijk bekendste boek gaat echter niet over kunst maar handelt over de geschiedenis van de cacao en chocoladefabriek C.J. van Houten & Zn. (2012)

De laatste jaren is Peter in de architectuur gedoken. Hij heeft het plan opgevat een serie boeken te schrijven over Haagse bouwmeesters in de 19e en 20e eeuw. Dat resulteerde tot nu toe in twee boeken. Een over de architect Herman Wesstra (1843-1911), 2013 en een over W.B. van Liefland (1857-1919)in 2016. Het derde deel uit de serie over architect Louis de Wolf staat voor begin december op stapel.
Hoewel nog niet direct aan de beurt doet Peter al wel onderzoek naar het leven en werk van Johannes Jacobus Gort (1875-1950). Hij is de ontwerper van diverse monumentale schoolgebouwen, waaronder de huishoudschool in onze straat.

Tijd voor een kort gesprek met Peter.

Hoe ben je op het idee gekomen een serie te gaan schrijven over Haagse architecten?

De architectuur heeft altijd mijn belangstelling gehad. Er over schrijven is wel moeilijk omdat het nog steeds heidens is documentatie te vinden. Je moet er tegen aan lopen. Zo stuitte ik bij toeval terwijl ik met een ander onderzoek bezig was op een album met een fotografisch overzicht van de werken van Herman Wesstra. In mijn achterhoofd plantte toen al de gedachte daar iets mee te gaan doen. Het onderzoek dat daarop volgt is wel erg intensief. Familie opsporen om dan tot mijn verbazing nog oude werklijsten van de man te vinden. Dat stimuleert. Voor subsidiefondsen is het wel noodzakelijk dat het niet bij een deel op zichzelf blijft. Zo is het een serie-uitgaven geworden over Haagse architecten.

Op het internet is niet veel te vinden over Gort. Is hij relatief onbekend?

Dat klopt. Hij zit grotendeels verscholen in archiefstukken, maar als je daarop focust met een ervaring van 30 jaar onderzoek in archieven, dan kun je wel tot nieuwe resultaten komen. Je weet immers waar je moet zoeken. Zo werkte Gort van 1905 tot en met 1909 samen met architect Johannes Mutters (onderwerp van deel 4 van mijn serie) en heeft in die tijd sensationeel meer gevels ontworpen dan algemeen werd aangenomen. Dit zijn nieuwe feiten. Daar richt ik me op in plaats van elkaar overschrijven en niets toevoegen.

Mits er geen familie kan worden opgespoord met relevante informatie moet het uit de archieven komen. Gort heeft een dochter uit zijn eerste huwelijk en trouwt weer op 72 jarige leeftijd. Dat is mager. Verder zitten er in zijn biografie een aantal zwarte vlekken, waar niets meer over gevonden kan worden doordat archiefmateriaal vernietigd is door de oorlog. In de tijd dat hij architect was bij de dienst gemeentewerken bouwde hij de vakschool voor Meisjes aan de Adelheidstraat in Den Haag. Het gebouw is verwoest tijdens het bombardement op het Bezuidenhout.

Was de Huishoudschool het grootste project van Gort?

De Rotterdamse huishoudschool was een van de grotere projecten op het gebied van scholenbouw en werd door Gort uitgevoerd als particulier architect. Dit was veel lucratiever vaak dan in de functie van gemeentearchitect tegen een vast jaarsalaris. Van 1909 tot 1916 was Gort gemeentearchitect in Den Haag geweest. Hij zorgt dan bij de scholenbouw voor het ethische aspect in een tijd dat er zwaar bezuinigd moest worden op scholenbouw. Daaruit kwamen vrij sobere gebouwen voort.

Heeft Gort ook het Art-deco interieur ontworpen?

De huishoudschool had een fantastisch Art-deco interieur en met die inrichting heeft Gort zeker persoonlijk bemoeienis gehad. Dat kun je zien aan zijn honorarium. De muren in de vestibule evenals de vloer waren bekleed met marmer en overal waren glas-in-lood-ramen en er hingen prachtige lampen in de lokalen.
Dat waren toen ook posten waarop bezuinigd is, want toen men een aanvraag deed voor Rijkssubsidie moest er een ton worden bezuinigd.

De gevel van het gebouw met de kenmerkende ladderramen is ontworpen in de Amsterdamse schoolstijl. Werkte Gort altijd in deze stijl?

De jaren 1920-1925 waren in ons land crisisjaren met een sterke versobering in de architectuur. Dat leidde tot zo min mogelijk decoratie aan de gevels, sporadisch gebruik van smeedijzeren sierwerken. Vandaar dat de Amsterdamse Schoolarchitecten zich alleen bemoeien met de gevelstructuur en niet met het interieur.
Er zijn niet direct specifieke stijlelementen in de bouwstijl van Gort aan te wijzen dan een kwalitatieve afwerking van zowel buitengevel als in het interieur binnen de mogelijkheden van het aan te wenden budget.

Zou het gebouw naar jouw idee op de monumentenlijst moeten komen?

Plaatsing van het gebouw op de monumentenlijst is niet meer relevant, denk ik. Er is namelijk teveel aan geprutst om er een heel andere functiedoel aan te geven dan voorheen het geval was. Van schoolgebouw naar appartementen, een hele overgang!
De omschrijving ‘monumentaal gebouw’ is meer op zijn plaats.

Is bij deze verbouw van school naar 43 wooneenheden, het gebouw van binnen voor goed vernield?

Er is bij de verbouw geen rekening gehouden met de monumentale status. Hier moet gelijk de kanttekening gemaakt worden dat er vlak na de oorlog, begin jaren 50, ook al een grote verbouwing heeft plaats gevonden, waarbij veel tegelwerk provisorisch is hersteld door gebrek aan bouwmaterialen. We hebben toen lang in een crisis gezeten. Ik meen dat de distributiebon pas in 1948 is afgeschaft. Het is jammer dat er zo weinig opnamen zijn gemaakt vlak na de bouw. Het is daarom moeilijk goed inzicht te krijgen in de omvang en structuur van dit eens zo fraaie schoolgebouw. Helaas is er ook geen bestek bewaard gebleven, om enig idee te hebben wat voor materialen zijn toegepast.

De huishoudschool omvatte ook een internaat. Heb je enig idee hoe dat eruit zag?

Het internaat moet eenvoudig geweest zijn. Op de tweede verdieping waren de slaapplaatsen. ik zou moeten nakijken hoeveel dat er waren. Ik meen zoiets van 32.

De Rotterdamse huishoudschool was in zijn tijd de modernste van het land met een moderne praktische aanpak ten aanzien van de lessen, cursussen, voedingsleer. Straalde dit gebouw die tijdgeest ook uit?

Ja. De moderne aanpak werd gevisualiseerd door het volume van de school en lokalen en de moderne inrichting (fornuizen, wasbakken etc.) en ook door de aanwezigheid van een internaat dat op zichzelf stond met een eigen ingang aan de straatkant maar ook van binnenuit bereikbaar.

De huishoudschool is het laatste gebouw van de straat dat voltooid werd. Het is qua stijl dan ook afwijkend van de huizen er omheen. Toch moet er met de planning van de straat al rekening zijn gehouden met dit project. Is het enorme kavel hiervoor vrij gehouden?

Nee het bouwkavel is hier niet voor vrij gehouden. Vanaf 1919 waren er wel plannen bij het schoolbestuur en ging men op zoek naar een bouwkavel gelegen in een rustige buurt. De kavel werd gekocht van de bouwgrond-maatschappij Polder-Cool. Na aankoop werd het schoolbestuur omgezet in een vereniging om Rijkssubsidie te kunnen aanvragen en een obligatielening uit te schrijven. De bouwplannen zijn diverse keren gewijzigd. De kwestie van de toevoeging van een internaat moet pas veel later zijn gerijpt, nadat het bouwkavel al was gekocht. Omdat er geen andere mogelijkheid was heeft Gort dit internaat op een meesterlijke en architectonisch briljante wijze binnen de gevelstructuur gebracht. Naar mijn schatting moeten in de omvang van dit bouwwerk ruim 150 detailtekeningen zijn vervaardigd.
Gort was een goede tekenaar, die vaak ook nog een presentatietekening vervaardigde in de vorm van een aquarel.

Oh ja, dan nog de belangrijke vraag: Hoe is Gort met het schoolbestuur in contact gekomen?

Wel. Gort kon beschikken over een behoorlijk netwerk. In het schoolbestuur zat o.a. de vrouw van de Burgemeester, mw. De Monchy-Jacobs. Gort had ooit tekeningen vervaardigd voor een verbouwing in de woning van de burgemeester aan de Westerstraat.
Gort kende Ida Heijermans, de directrice van de Rotterdamse Industrieschool, van de Vereniging van Schoonheid en Opvoeding, die op het esthetisch aspect van de scholenbouw moesten letten.
Ik heb briefpapier gevonden met het logo ‘Gort & Van Dijk , architecten’. Deze Van Dijk blijkt de broer te zijn van de secretaris van het schoolbestuur. Mogelijk was dit logo fake, want Van Dijk valt weg als gegadigde en Gort haalt het werk binnen op zijn eigen naam.

Maar dan moet je het wel voor elkaar krijgen in 5 jaar. Jammer dat er zoveel hiaten zitten in Gort’s biografie, maar wat wel bekend is is zeker boeiend.

Jeroen van der Beek

Jeroen van der Beek

Na in vele steden in binnen- en buitenland gewoond te hebben is Jeroen in 2004 in de Graaf Florisstraat komen wonen. Hij is beeldend kunstenaar en geeft daarnaast schilderworkshops in zijn huis in Frankrijk en rondleidingen in diverse musea. Jeroen is naast vele andere zaken vooral geïnteresseerd in geschiedenis. Voor de TelegraafFloris heeft hij zich o.a. verdiept in de Jodenvervolging in onze straat tijdens WO2.
Sinds 2010 schrijft hij voor deze krant.
Jeroen van der Beek

Recente artikelen van Jeroen van der Beek (alle artikelen)

Gerelateerde artikelen

Comments are closed.