Op Stap Met Indy – Dushi

door • 27 oktober 2019 • Kunst

Het kleine hondje kwam nieuwsgierig op Indy af tijdens de avondwandeling over de Heemraadssingel. Indy is niet meer zo erg geïnteresseerd in andere honden sinds zijn castratie, tenzij het oude bekenden zijn, maar dit hondje tolereerde hij. Benieuwd naar hoe lang dit zou gaan duren bekeek ik het schouwspel even tot mijn aandacht werd afgeleid door enige commotie op de brug iets verderop. Nu pas zag ik dat daar een donkere man stond te gesticuleren. Alleen zijn lichte pet en oogwit staken duidelijk af in het schaarse avondlicht. Hij zei iets wat ik niet kon verstaan maar duidelijk was dat hij het tegen mij had. Hij bleek de eigenaar van het hondje.

“Ja, ik let goed op mijn hond, want voor je het weet gebeurt er wat”, hoorde ik hem zeggen toen ik wat dichterbij gekomen was. Ik zag nu dat de man tenger van postuur was en al redelijk op leeftijd. Hij had een vriendelijke oogopslag en zijn mager gezicht werd geaccentueerd door een stoppelig ringbaardje.
“Ik zal je zeggen, ik ken een mevrouw die stond te gorgelen tegen de keelpijn en die liet daarbij enkele druppels van de zoutoplossing op de grond vallen. Haar hondje likte dat op en viel gelijk om. Naar de dokter.. Zijn maag moest leeggepompt worden…Kosten: vierhonderd euro! Ik heb geen zin in zulke kosten.”

We waren inmiddels de brug overgestoken en de man had zijn hondje aangelijnd. Indy stond nog aan de overkant van de singel te mijmeren met zijn neus in het gras.

“Moet jij niet op je hond letten? Zo meteen ben je hem kwijt!”, zei de man bezorgd.
“Hij let heel goed op waar ik ben”, stelde ik hem gerust, tegelijk beseffend dat deze losse omgang met mijn huisdier ook confronterend kon overkomen.
Maar dat was niet het geval, want de man vervolgde al snel weer zijn verhaal.
“Het is een bijzonder hondje”, zei hij doelend op zijn hond, “half Jack Russell en half Chiwawa. Eigenlijk een kwart, want zijn moeder was een halve Jack Russell en zijn vader een halve Chiwawa. Ik heb hem via Marktplaats uit een nest in Arnhem. Mooie puppy’s waren dat! Eentje was helemaal wit met één zwart vlekje op de rug. Die is voor acht-en-een-half weggegaan. Een mevrouw was er helemaal door verkocht. Dit was de laatste uit het nest. Mijn zus heeft zijn zusje genomen. Grijs met zwart. Die rende zomaar de straat op en is doodgereden. Dat gebeurde om acht uur ’s avonds op hetzelfde moment dat ik niet meer wist wat ik moest doen. Ik kreeg een ingeving dat ik naar de dokter moest. Ik moet het aangevoeld hebben. De volgende dag belde mijn zus en zei ‘Dushi’, ja dat is Antiliaans voor ‘liefje’, mijn zus is ook Surinaams maar ze gaat veel met Antillianen om, en toen vertelde ze dat haar hondje dood was. Ik heb haar moeten troosten.”

We waren nu halverwege de singel. Indy had zich weer bij ons gevoegd en de man leek nu echt op gang te komen.

“Ik heb altijd hard gewerkt, vanaf mijn zestiende. Met mijn handen dingen maken, zoveel gesjouwd man, verhuiswerk, maar nu kan ik dat niet meer. Mijn rug is kapot. Ik ben 62 en nu mag ik niet meer in de ziektewet blijven, moet ik naar de WIA. Ik zeg tegen ze: ‘Ik heb al veertig jaar gewerkt geef mij maar AOW’. Ik heb ook een opleiding gevolgd. MBO in Suriname. Voor mijn moeder, die wilde dat graag. Ik was de oudste. Ik heb geld voor haar verdiend en ben naar school gegaan, maar op een gegeven moment kon ik dat niet meer. Dat vond mijn moeder wel erg. Toen ben ik gaan werken. Tuinen onderhouden van de Joodse mensen. Ik was de beste maaier. Ze wilden me allemaal hebben. Hier in Holland maaien ze met een maaimachine, maar die had ik niet. Alles met een machete. Het zag er zo mooi uit.”

Ik zag Indy zijn behoefte doen. Zoals bijna altijd keurig onderaan een boom. Uitlaatsessie geslaagd. De man was nog niet klaar.

“Ik hou van witte en zwarte muziek. Dat maakt niet uit, als het maar goed is. Blues en Jazz. Het probleem met al die goeie muzikanten is de drugs, man. Ik zeg je dat als ik Whitney Houston had ontmoet, ik kende haar dochter een beetje, dan had ik tegen haar gezegd: ‘Stop met die drugs!’ Eeuwig zonde, wat een mooie negerin was dat.
Ze gaan er allemaal kapot aan. Jimmy Hendrix, zo goed en Jim Morrison van de Doors. Alle Morrisons zijn goed. Nu heb je er weer een, hoe heet-ie nou ook alweer…met dat liedje The world…kom…ik wil het voor je zingen, man.”

Hij keek me aan alsof ik het wel even zou aanvullen, maar ik kende het niet. We waren inmiddels bij het einde van de singel gekomen. Ik nam afscheid en ging richting huis.

Jeroen van der Beek

Na in vele steden in binnen- en buitenland gewoond te hebben is Jeroen in 2004 in de Graaf Florisstraat komen wonen. Hij is beeldend kunstenaar en geeft daarnaast schilderworkshops in zijn huis in Frankrijk en rondleidingen in diverse musea. Jeroen is naast vele andere zaken vooral geïnteresseerd in geschiedenis. Voor de TelegraafFloris heeft hij zich o.a. verdiept in de Jodenvervolging in onze straat tijdens WO2.
Sinds 2010 schrijft hij voor deze krant.
Jeroen van der Beek

Latest posts by Jeroen van der Beek (see all)

Gerelateerde artikelen

Comments are closed.