Liesbeth Levy – Een wereldberoemde filosoof

door • 2 november 2019 • Opinie

Een aantal jaren geleden vertoefde ik tijdens de herfst in New York. In Rotterdam had ik een jonge steenrijke kunstenaar leren kennen die in kunstencentrum Witte de With een twaalftal causerieën organiseerde als voorbereiding op een ironische theatervoorstelling over het ontstaan van de mensheid. Het klikte tussen ons en wat volgde was een spontane samenwerking waarin onze gedeelde liefde voor het oeuvre van Woody Allen de bisonkit vormde.

En zo kon het gebeuren dat ik op de museum nacht in Parijs, bij wijze van performance, samen met twee wetenschappers en de kunstenaar een nacht lang sprak over het oeuvre van Woody Allen in het Frans. Zelfs in het Chinees was het me gelukt, zo groot was de betovering van deze spontane artistieke vriendschap. Pièce de résistance was een door mij gehouden interview met de kunstenaar in de Rotterdamse schouwburg.

Dit interview vond plaats na de première van een –in de ogen van ‘echte ‘theatermakers -volstrekt dilettantische voorstelling. De slechte recensies mochten de pret niet drukken en een uitnodiging om in New York de samenwerking voort te zetten volgde. In retrospectief had deze samenwerking natuurlijk op haar hoogtepunt moeten eindigen maar ik kon de verleiding niet weerstaan en vloog de oceaan over.

Al snel bleek het gedaan met de magie. De steenrijke kunstenaar woonde in een prachtig groot huis in Brooklyn en had, als een jonge Andy Warhol, een enorm gevolg om zich heen van knappe jonge mensen. Zij ontvingen mij vol eerbied omdat ik was aangekondigd als een wereldberoemde filosoof maar tegen zo’n groot verwachtingspatroon viel niet op te boksen.

Geteisterd door een enorme jetlag, permanente migraine, een intellectuele blokkade en heel veel spijt van deze actie, nam ik, waar ik kon, het hazenpad en struinde dagelijks moederziel door de straten van New York. Het was bijna Halloween en overal grijnsde de vrolijke oranje pompoenen me tegemoet. Mijn gedachten dwaalde af naar de uitzinnige Halloweenavonden in de Graaf Florisstraat waar generaties kinderen prachtig geschminkt de vele met zorg ingerichte spookhuizen vol snoep en griezels bezochten. Zelf had ik indertijd de bibbers gekregen van een grote beer en een door de straat hollend figuur in een morf-skinpak, maar dat was peanuts vergeleken bij de bibbers die ik kreeg van de dresscode van een tijdens mijn verblijf door de kunstenaar georganiseerd feest: Shy but Sexy.

Om wat moed te verzamelen besloot ik mezelf op een pedicure te trakteren.
Van het vele lopen had ik vermoeide voeten en twee open blaren op mijn hielen gekregen. Toen ik na een hardhandige voetmassage te weinig fooi gaf werd ik de zaak uitgegooid en kon ik fluiten naar de gevraagde pleisters. Strompelend liep ik over de Upper West Side, stralend in de avondzon van de Indian Summer. Nooit was ik eenzamer dan toen.

Inmiddels ben ik weer heerlijk honkvast in de Graaf Florisstraat maar ik moest weer aan mijn New Yorkse episode denken toen ik een pedicure behandeling in de Middelandstraat kreeg. Deze vond plaats in een vrolijke kapsalon met een manicure en pedicure service. Ik mocht na een hartelijke ontvangst plaats nemen op een witte stoel pal voor het raam. De lucht was blauw het zonnetje scheen en ik kon heerlijk naar buiten kijken. Onderwijl kreeg ik het lekkerste kopje kippensoep uit mijn leven geserveerd. Tevreden constateerde ik daar dat je niet ver hoeft te reizen maar alleen maar je straat uit hoeft te lopen om gelukkig te zijn.

Van de kunstenaar heb ik nooit meer wat gehoord maar over ruim vier maanden ga ik mijn proefschrift verdedigen dus wie weet word ik toch nog een wereldberoemde filosoof!

Gerelateerde artikelen

Comments are closed.